Wanneer geldt ze?
Het koninklijk besluit nr. 1 met betrekking tot de btw regelt de verlegging van heffing in de bouw, in artikel 20. Drie voorwaarden, alle samen:
| Voorwaarde | Wat ze betekent |
|---|---|
| U | U bent een in België gevestigde belastingplichtige |
| Het werk | Een werk in onroerende staat, of een van de handelingen die artikel 20 ermee gelijkstelt |
| Uw klant | Een belastingplichtige die periodieke btw-aangiften indient |
De betrokken werken
Elk werk in onroerende staat, en ook deze handelingen wanneer ze tegelijk de levering en de bevestiging aan het gebouw omvatten:
- een installatie voor centrale verwarming of airconditioning, of een deel ervan;
- een sanitaire installatie en vaste toestellen aangesloten op een water- of afvoerleiding;
- een elektrische installatie, zonder verlichtingstoestellen en lampen;
- een elektrische bel, brandalarm, beveiliging tegen diefstal, huistelefoon;
- de kasten, gootstenen, dampkappen, ventilatoren en luchtverversers van een keuken of badkamer;
- de luiken, rolluiken en zonneblinden aan de buitenkant van het gebouw.
Daarbij komen de levering en plaatsing van wand- of vloerbekleding, het bevestigen, herstellen, onderhouden en reinigen van al die goederen, en het ter beschikking stellen van personeel voor die werken.
Wie betaalt de btw?
| U factureert | De btw |
|---|---|
| Een hoofdaannemer, als onderaannemer | Verlegging van heffing: uw klant geeft ze aan |
| Een onderneming die periodieke btw-aangiften indient | Verlegging van heffing: uw klant geeft ze aan |
| Een particulier | U factureert ze: 21 %, of 6 % voor de renovatie van een woning die aan de voorwaarden voldoet |
| Een onderneming die geen periodieke aangiften indient, bijvoorbeeld onder de vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen | U factureert ze gewoon |
De factuur
De factuur van een werk met verlegging van heffing:
- maakt melding van de elementen die de verlegging rechtvaardigen;
- vermeldt het btw-tarief en het btw-bedrag niet;
- bevat deze vermelding, woord voor woord:
"Verlegging van heffing. Bij gebrek aan schriftelijke betwisting binnen een termijn van één maand na de ontvangst van de factuur, wordt de afnemer geacht te erkennen dat hij een belastingplichtige is gehouden tot de indiening van periodieke aangiften. Als die voorwaarde niet vervuld is, is de afnemer ten aanzien van die voorwaarde aansprakelijk voor de betaling van de verschuldigde belasting, interesten en geldboeten."
Uw klant neemt de btw daarna op in zijn aangifte over het tijdvak waarin ze opeisbaar wordt.
De klant die geen aangiften indient
Een klant die voor btw-doeleinden geïdentificeerd is maar geen periodieke aangiften indient, moet u dat laten weten wanneer hij u zijn btw-nummer meedeelt. Hij voldoet niet aan de voorwaarden: u factureert hem de btw gewoon, en de vermelding is niet van toepassing.
Eén maand om te betwisten
Betwist uw klant de factuur niet schriftelijk binnen de maand na de ontvangst, dan wordt hij geacht te erkennen dat hij periodieke aangiften indient. Behoudens samenspanning tussen u beiden bent u dan ontslagen van de aansprakelijkheid op dat punt. Voldeed hij niet aan de voorwaarde, dan is hij aansprakelijk voor de belasting, de interesten en de geldboeten.
Veelgestelde vragen
Ik ben onderaannemer van een hoofdaannemer: hoe factureer ik?
Zonder btw, met verlegging van heffing en met de vermelding: de hoofdaannemer dient periodieke aangiften in en geeft de btw zelf aan.
Mijn klant is een vennootschap onder de vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen: verlegging van heffing?
Nee. Ze dient geen periodieke btw-aangiften in: u factureert haar de btw gewoon.
Ik lever materiaal zonder het te plaatsen: verlegging van heffing?
Nee. Een gewone levering, zonder plaatsing of bevestiging, is geen werk in onroerende staat en geen gelijkgestelde handeling: ze behoudt de gewone btw. Op eenzelfde factuur volgt elke regel zijn eigen regel.
Mijn klant betwist achteraf dat hij belastingplichtig is: wat dan?
Betwist hij schriftelijk binnen de maand na de ontvangst van de factuur, dan wordt hij niet geacht periodieke aangiften in te dienen, en zonder die voorwaarde geldt de verlegging van heffing niet. Na die termijn, en behoudens samenspanning, is hij aansprakelijk voor de verschuldigde btw.
Bronnen
- Koninklijk besluit nr. 1 met betrekking tot de btw, artikelen 5 en 20, Justel: de voorwaarden, de betrokken werken, de factuur zonder btw-tarief en btw-bedrag, de vermelding, de betwisting binnen de maand.
Deze gids vat de officiële teksten samen. Bij twijfel zijn zij doorslaggevend. Een fout in deze gids? Schrijf ons.